Spongebob schreef: ↑10 jan 2026, 13:40
Als je het zout er goed hebt afgespoeld, blijven deze, mits droog bewaard, heel lang goed.
Eigenlijk zou je deze even bij iemand met een straalcabine moeten laten stralen om de resterende kalksteen eraf te halen.
Dan komt de gouden uitstraling (en de kronkelige sutuurlijnen) nóg beter tot haar (hun) recht. In Duitsland noemen ze deze fossielen niet voor niets 'Goldschnecken'.
Klopt, deze fossielen kunnen, mits onder de juiste omstandigheden bewaard en intern stabiel, lang goed blijven. Ze vormen echter wel altijd een klein risico, omdat pyriet een onstabiel mineraal is dat graag oxideert. En de specifieke vorm van oxidatieproduct bepaalt vervolgens hij stabiel het eindresultaat is.
Om te beginnen helpt het inderdaad om de fossielen kort in een bad met ruim schoon water te leggen, zodat alle zouten en losse chemicaliën eruit kunnen trekken. Maar voordat je dat doet, zou ik ze in een verdunde oplossing keukenazijn (of anders verdunde schoonmaakazijn) leggen. Dit heeft bijna net zo'n goed oplossend vermogen als zandstralen, en vaak voor mensen thuis makkelijker gedaan te krijgen dan "zand"stralen (al polijst laatstgenoemde de fossielen tegelijkertijd ook, waardoor ze net nog wat meer glans krijgen). Mocht je ze in het azijnzuur leggen, let dan wel op 1) dat als je hol fossiel in het zuur legt, je kans loopt dat je alleen een lege huls overhoudt (dus goed in de gaten houden!); en 2) je de stukken daarna minimaal voor drie keer zo lang in verschillende baden schoon water moet leggen om het zuur te stoppen.
marcth schreef: ↑10 jan 2026, 16:40
Ik heb de ammonieten twee keer een nacht laten weken totdat chatgpt zei dat ik dat vooral niet moest doen ivm pyrietrot.
Op zich kan het geen al te grote schade aanrichten om de fossielen in water te leggen. Zelf heb ik nooit meegemaakt dat kalksteen begint te roesten. En wat de pyrietrot betreft: dat is een serieus risico, maar één die direct na het vinden van de fossielen wel meevalt, omdat de fossielen toch al uit een van nature natte omgeving komen. Ook is het algehele risico op pyrietrot van een fossiel bepalend voor hoeveel risico dat fossiel überhaupt loopt.
Pyrietrot is een specifieke oxidatiereactie van zwavelhoudende ijzerstructuren - in het bijzonder het onstabiele pyriet en het stabiele marcasiet - die in verschillende oxidatieproducten kan vervallen. Specifieke vormen oxidatieproducten (vaak zwart of rood) zijn stabiel, maar de meer zwavelhoudende varianten die naar geel en wit poeder vervallen zijn instabiel. Voorwaarde voor laatstgenoemde reactie is zwavelzuur, wat de reactie kataliseert. Hier zijn vocht en zuurstof voor nodig, en vandaar dat behandeling met water of opslag in olie en het behandelen met een conserveringsmiddel als Paraloid vaak worden aangeraden. Dat laatste is echter een zogeheten
double-edged sword, omdat er 1) geen garantie is dat jet met Paraloid een hermetische afsluiting hebt weten te bereiken; en 2) zelfs als je dat voor elkaar hebt gekregen, er geen garantie is dat de reactie binnen die hermetische afsluiting niet gewoon, onzichtbaar, binnenin het fossiel door loopt. Vandaar ook dat opslag in olie niet altijd afdoende is, en dat je dit soort fossielen ook in een goed afgesloten container met vocht- en zuurstofvreters kunt opslaan. Paraloid helpt overigens wel om de integriteit van een fossiel te vergroten als je erover denkt om de fossielen door veel mensen te laten vastpakken...
Berg dit soort fossielen altijd afzonderlijk van andere, minder risicovolle fossielen op. Niet omdat, zoals een roddel die de ronde over pyrietrot gaat wil, stukken elkaar zonder meer kunnen aansteken, maar omdat het vervalproduct zwavelzuur bevat, en als dat op een ander risicohoudend fossiel komt, dit daar op die manier wel een nieuwe reactie kan opstarten. Ook kan het zwavelzuur hout en papier aantasten, en zich via capilaire actie verspreiden.
Mocht een fossiel door pyrietrot aangetast worden zijn er commercieel wel chemische middeltjes op de markt om dit te stoppen door de basiselementen die voor de reactie nodig zijn aan een fossiel te onttrekken. Maar dit is duur en niet iets dat je makkelijk zelf thuis uitvoert (vanwege de aard van de benodigde chemicaliën). Tegelijkertijd is dit ook wel de essentie van waarom reinigen in water direct na de vondst een goede keuze is: je onttrekt daarmee in elk geval een deel van de chemicaliën die de reactie teweeg zouden kunnen brengen. Nog beter zou het zijn om dit soort fossielen in alcohol of aceton te reinigen, omdat die stoffen min of meer hetzelfde effect hebben, zonder het risico de reactie in werking te doen treden. Om de pyrietfossielen door en door te drogen voordat je ze opslaat kun je ze een tijdje op lage temperatuur in een oven leggen met een kier in de deur voor de waterdampen om te ontsnappen. Zo zorg je ervoor dat het vocht uit de fossielen trekt en de reactie minder snel optreedt.
Mijn procedure voor dit soort fossielen is dan ook:
1. Eerst kort handmatig reinigen en schoonborstelen.
2. In een bad met verdunde azijnzuur om kalk op te lossen (vaak ergens tussen de 5-15 minuten).
3. Dan in drie baden met schoon water, elk van minstens dezelfde duur als het azijnbad. Dit onttrekt dan gelijk ook eventuele schadelijke chemische bindingen die in oplossing kunnen raken.
4. Een tijdje de oven in om het vocht uit de fossielen te stoken.
5. Onderdompelen in een 5% Paraloid B72 oplossen. Doordat het fossiel al zijn vocht kwijt is, kan het Paraloid op die plekken gaan zitten en de integriteit van het fossiel vergroten. Door algeheel onderdompelen vergroot je bovendien de kans op een hermetische afsluiting.
marcth schreef: ↑08 jan 2026, 20:17
Of heeft iemand advies over welke van deze ammonieten gevaar lopen?
De beste manier om een inschatting te maken van welke ammonieten het meeste gevaar lopen is door 1) te ruiken welke de sterkste zwavelgeur, of geur van "oude munten" hebben (want, ja, ook die geur komt door een oxidatiereactie tot stand, die in gang gezet wordt door het in de hand nemen van de munten); of 2) amorfische pyrietuitgroeisels hebben. Dit laatste is namelijk vaak een plek waar het pyriet minder stabiel gekristaliseerd is, en daarmee potentieel ook meer vervalmateriaal bevat.